I love gladiolen.
En laten we die nu net in de tuin hebben.
Weliswaar in de tuin van de oude MilkMansion.
Maar tot 31 juli is dat nog steeds onze tuin.
En dus hebben wij gladiolen in de tuin. En in ons huis.
En van de herfst geef ik de melkboer de opdracht om ze weer te planten plant ik ze weer. Zodat we volgend jaar weer gladiolen hebben.
Want I love gladiolen.
Ze zijn zo rank. En ze zien er zo mooi uit.
En ik wrijf graag zout in open wonden.
Maakt u geen zorgen, alleen in die van mezelf, hoor.
Het zou niet in mijn hoofd opkomen om het zoutvaatje te pakken, wanneer de melkboer weer eens langs komt met een bloederig vingertje, armpje of beentje.
Neehee. In dat geval maak ik altijd liefdevol zijn wondjes schoon met een nat doekje, geef er kusjes op, plak er een Bert en Ernie pleister op, terwijl ondertussen mijn lange, naar gladiolen geurende, lokken over zijn gezicht strijken. En dan eindigen we altijd in bed.
Zo gaat dat toch altijd in de film?
Ja.
Zout. In wonden dus. Wonden van mezelf. Waarom ik dat doe weet ik ook niet. Viniklekkerofzoblijkbaar.
Zucht.
Gladiolen.
De derde week van juli.
Wandelen. Blaren.
Regen. Zon. Wind.
Feest. Bier. Poffertjes. Bandjes. Nog meer bier. Nog meer feest.
Zucht.
Ik heb weer eens heimwee.
Naar Nijmegen.
Voor de vijfde achtereenvolgende zomer zit ik in de VS.
Tijdens de Vierdaagse.
Gelukkig heb ik de gladiolen nog.

