Tien redenen om nooit naar Aruba of Curaçao te gaan
Ik weet het heus wel hoor.
Heus.
Dat u stiekem wenst dat u in Aruba of Curaçao had gezeten de afgelopen week.
In het zonnetje. Onder de palmbomen.
Maar echt, let me tell you this, het is in Aruba en Curaçao niet alleen maar rozegeur en maneschijn. Of is het nu rozengeur en manenschijn?
Echt niet.
En om dat te benadrukken, heb ik speciaal voor u een lijstje gemaakt met mijn kritiekpunten.
Zodat u weet wat u te wachten staat, mocht u ooit naar één van deze eilanden afreizen.
- Overal lopen leguanen en hagedissen. En op zich kan ik daar nog mee leven. Alleen de leguanen en hagedissen die wij zagen, waren ook nog eens heel erg brutaal. Ze kwamen ons appartement binnen, en klommen op de strandstoelen. En daar hou ik dus niet van.
- En over vervelende beesten gesproken, er zitten natuurlijk ook overal muggen. Zoemende muggen. De melkboer werd helemaal lek geprikt. En Kobus heeft nu nog steeds twee bultjes op haar armen. Mijn bloed is overigens lang niet zo lekker, maar dat sluit niet aan bij de moraal van dit pleidooi.
- En. En nu komt eigenlijk de belangrijkste klacht, dus let op. In geen enkele supermarkt op Curaçao worden borrelnootjes verkocht. En nee, dit wordt niet gecompenseerd door het feit dat ik net drie zakken borrelnootjes heb opgestuurd gekregen, en het doet er ook niet toe dat ze wel yokidrink en Nederlandse koekjes hadden. Deze klacht gaan over de borrelnootjes.
- En ik wil ook even twee punten maken over het klimaat. Het waait namelijk op Aruba en Curaçao de hele tijd hardstikke hard. En dan zit mijn haar niet goed. En bovendien krijg ik dan ook nog eens de hele tijd zand in mijn ogen.
- En, het is er ook altijd warm. En daar ga ik van zweten. Dus.
- En dan zijn er nog onze hotels. Ook daar was echt van alles mis mee. Zo sliepen we de eerste nachten in de herrie van allerlei carnavalfeestgedruis. En was in ons tweede hotel het ene gordijn langer dan het andere. Nu vraag ik u, dat kan toch niet?
- O, en trouwens, het stikt op Curaçao van de Nederlanders. En ik ga toch echt niet op vakantie om Nederlanders te zien. Die zie ik namelijk al elke dag. Tenminste, ik zie elke dag minstens twee Nederlanders. Meestal.
- Een geheel ander probleem is dat mijn navel ergens op één van de eilanden is achtergebleven. En dat is toch vreemd. Want wie heeft er nu geen navel?
- Zei ik al dat ze nergens borrelnootjes verkochten? Dat was eigenlijk de enige reden voor mij om te gaan.
- En dan tot slot, het thuis terugkomen. Want terugkomen van Aruba en Curaçao is dus echt niet tof. En ik moest ook nog eens een extra nacht op Aruba blijven. En nu zit ik dus weer thuis. In de sneeuw. En ik heb heimwee.
Ja.
Zeg nu zelf.
Dit wilt u toch allemaal niet.







































