Herinnert u het zich nog?
Apenkooien?
Ah, wat een jeugdsentiment.
De gymles van vroeger.
Ja.
Ja.
De gymles.
Daar vond ik dus niets aan.
Want ik was altijd de kleinste. En niemand wilde mij in zijn team.
Toen werd ik 10. En ik ging zaalvoetballen. En groeide iets van 25 centimeter in twee jaar.
En toen kwam het toch nog goed.
Daarna groeide ik trouwens niet meer. Maar dat is weer een ander verhaal.
Apenkooien. Dat was gaaf. Veel leuker dan gewone gym.
Want alles mocht. En kon.
Het klimrek. De bok. De touwen en de ringen. Springplanken en matten. Alles stond door de zaal heen. En dan oppassen dat je niet getikt werd.
Ja, gaaf. Dat apenkooien.
En nu zie ik hier in huis een opkomend apenkooi talent.
En laat dat nou eens goed uitkomen, want er bestaan ook Nederlandse kampioenschappen apenkooien, zie ik net. Ergens op de Veluwe.
Zou ik daar grof geld mee kunnen verdienen?
Want die Kobus hè, die houdt van apenkooien.
Een Nederlands apenkooi kampioen in de dop. Mark my words.
U ziet mij nog. Op tv. Naast Kobus.
Bij SBS6. Ofzo. En dan word ik geïnterviewd. Door Hans Kraay junior. Ofzo.
Geen Domino D-Day, but Apenkooi Dag.
Kobus heeft in ieder geval recent bedacht om met haar training te beginnen.
Overal wil ze uit klimmen. Of rollen. Of draaien, duwen, trekken.
Dus tijd om de kooien het bed en de box omlaag te doen. Want ze apenkooit vooral in bed. Ze draait het hele bed door, en slaapt ineens overdag op haar buik.
Nou ja, dat vindt ze blijkbaar lekkerder. Vooruit. Mijn eigen aapje in de kooi atleet in bed.
Ik ga eens kijken of ik een manager voor haar kan vinden.
Dan kan ze vast onder contract.