The United States: week two

Deze eerste twee weken in de VS stonden voor de kinderen in het teken van het briljante Amerikaanse fenomeen genaamd summer camp.
Ideaal, in de vroege ochtend levert men de guppies af, compleet met een rugzak die groter is dan henzelf, en aan het eind van de middag krijgt men ze terug met sproeten, zongebrande wangetjes, chloorogen en -haar, vol verhalen, en volledig uitgeput.

Ze hebben het alledrie enorm naar hun zin gehad.
Kobus en vriendin L.
Eerst een week Art Camp en daarna een week outdoors met twee keer per dag buiten zwemmen en allerlei activiteiten zoals vissen, kleien met modder, geitjes voeren, kettingen rijgen en weet ik veel wat nog meer.
Keesje ging de eerste week halve dagen. Dat was al spannend genoeg.
Maar de afgelopen week ging hij hele dagen naar Sports Camp. Tien jongetjes, een veld, een bal en wat andere attributen. Tussendoor wat waterspelletjes en zwemmen, en er zat elke avond een zeer verheugd, moe, half-Engels half-Nederlands sprekend, jongetje aan tafel.
En dan Sammie. Die na de eerste week thuis kwam met het befaamde camper of the week certificaat. Ach ja, wie doet haar wat. Vrouw van de wereld. Ze vindt het overal en altijd even leuk. En deed dus vanaf het begin mee alsof summer camp haar favoriete bezigheid ooit is.

Ondertussen hielden wij ons bezig met volwassen mens-dingen.
Zoals daar zijn: zakenreizen in andere staten in de VS, wasjes draaien, raften, uit lunchen met vrienden, uit lunchen met zijn tweeën en Billie, poepluiers verschonen, ontbijten met ex-collega’s, diners met vrienden, filmavonden met vrienden, nog meer diners met vrienden, en op en neer scheuren in de mini-van door de gehele provincie en de provincies daaromheen.
Het mag duidelijk zijn dat ik tien kilo zwaarder thuis kom.

Wat is het bizar om hier te zijn.
Het voelt bijzonder, maar ook ontzettend normaal.
Alles is bekend, maar toch ook anders.
Het lijkt na twee weken af en toe bijna alsof we hier nooit zijn weggeweest.
Ware het niet dat het bed hier in huis echt verschrikkelijk is.
Kan niet wachten om straks weer in mijn eigen te liggen.

achtertuinHet lousy bed in ons huidige stulpje wordt overigens gecompenseerd door deze onovertroffen achtertuin met bijbehorende herten en beekje…

The United States: week one

Week 1 (1) Week 1 (2) Week 1 (3) Week 1 (4) Week 1 (5)Ondertussen zit onze eerste week in de VS er alweer op.
De komende vier weken zijn we even terug op ons oude stekkie.

Zomaar wat indrukken:
– Het woord heat wave en het gevoel dat men tijdens een Pennsylvania heat wave bekruipt, is niet te vergelijken met een Nederlandse hittegolf. Wat is het hier heet. En drukkend. En zweterig. En gewoon werkelijk waar echt enorm heet. En wat kunnen Nederlanders zeuren over het weer.
– Zaterdag zat Kobus’ Engels in haar buik. Maandag in haar borst, en vandaag, woensdag, in haar keel. Dat betekent dat het bijna in haar mond zit, en dat is de bedoeling. (Ik citeer hier overigens de dame herself.)
– Het is fascinerend om te zien hoe snel de kinderen weer goed Engels spreken. Zoals Keesje zei: ‘er zit een deurtje in mijn hoofd, en dat gaat nu vanzelf weer open’.
– Het weerzien tussen Kobus en vriendin van het eerste uur L. was geweldig. Voor hen, en voor ons vier ouders. Onder het genot van koud bier en de eerste Amerikaanse bbq van nog velen, aanschouwden we de intense liefde en vriendschap tussen onze twee bijna zeven-jarigen. De komende twee weken zijn ze tot elkaars grote vreugde bijna full-time in elkaars aanwezigheid.
– Verder blijkt dat we al het heerlijke uit eten en drinken misschien wel het meest gemist hebben. We bezochten the Legal Seafood, the Olive Garden, en de sushi bar, en ontbeten bij de diner. Ook ging ik al twee avonden heerlijk uit eten met vriendinnen. Wat een snelheid, kwaliteit, keuze, en service.
– Ik mis nu al het bos rondom ‘t Melkhuisje en het gemak waarmee ik in Nederland ga wandelen of fietsen. Even naar buiten is hier door de infrastructuur en het weer toch een stuk lastiger. En dus beweeg ik weinig. Leve de mini-van.
– Net als vorige zomer zaten we ook dit jaar op een snikhete zondagmiddag bij the Phillies. Deze keer wonnen ze alleen wel, hoezee!
– Met dank aan the Phillies en hun Christmas in July celebration zingen we in de tijdelijke MilkMansion de gehele dag Jinglebells. Ho, ho, ho, merry Christmas!
– En net zoals vorige zomer gingen we ook dit jaar naar Dutch Wonderland. Met als grote verschil dat Keesje dit jaar ook in alle atracties durfde. Het wordt nog wat met mijn stoere kereltje.
– Ben ik weken bezig met pakken en plannen om voor zes mensen alles mee te nemen, vergeet ik, zoals gewoonlijk, NIETS. Behalve mijn eigen bikini…
– ik zag Trainwreck. Geen juweeltje, maar heerlijke Amerikaanse Saturday Night Live-achtige humor.
– Donald Trump krijgt ongelooflijk veel aandacht in de media. En überhaupt de 2016 presidentsverkiezingen. Vooral de race wordt geanalyseerd. Over de inhoud vind ik het maar weinig gaan. Verder gaat driekwart van de televisie reclames over politieke onderwerpen (zoals de Iran deal) of medicijnen. Pfff. Het weerzien met NPR op de radio in de auto, en HGTV en the Food Network voelde een stuk beter.
-One week down, three more to go!

Een huis zonder plinten, maar met eigengereide baby

En hoe gaat het met de baby?
Ondertussen alweer vijftien maanden oud.
Nou, laat ik beginnen met een schattig fotootje.

15 mndDan kan ik nu met een gerust hart zeggen, dat ze ons terroriseert!
Aanschouw, de allerbeeldigste despoot die u ooit zag.
Zo houdt ze zich allereerst voornamelijk bezig met het lospulken van werkelijk waar alle plakplinten in ons huurhuis.
Daarnaast eet ze graag strijkkralen.
En leerde ze afgelopen week de deurtjes van het tv-meubel openmaken om er vervolgens in te kruipen.
Dit alles combineert ze het liefst met het trekken aan wat snoertjes, terwijl ze ondertussen mijn iPhone verstopt.
Ach, zeer wenselijk voor het oefenen van zowel de fijne als grove motoriek, dit onderzoekende gedrag.
En goed voor het ontwikkelen van sociale-emotionele kwaliteiten.

Maar luisteren, dat kan onze schattige baby Billie dus niet.
Men zou kunnen denken dat ik als veteraan-mama mijn strenge NEE! wel geperfectioneerd heb, zo door de jaren heen. Maar ze blijkt immuun.
Net zoals ze over het algemeen immuun is voor alles.
Behalve buikgriepvirussen. DIe vinden haar heel leuk.
Mijn corrigerende stem laat ze zich al lief lachend welgevallen.
En verder doet ze vooral waar ze zelf zin in heeft.
Zoals blokjes op de grond gooien, eten op de grond gooien, bekers melk op de grond gooien.
En plakplinten peuteren.
Uren lang.
Onvermoeibaar.
Nou ja, een baby moet natuurlijk ook een hobby.

Een week van feest en pijn

Het was allemaal zeer feestelijke de afgelopen tijd in huize Melkboer.
Zo ging ik allereerst zelf een nieuw levensjaar in.
En kon ik daar voorheen niet op wachten, tegenwoordig word ik toch liever niet geconfronteerd met het feit dat er álweer een jaartje bij komt.
Waarom ik dat nou precies niet leuk vind, weet ik eigenlijk niet goed.
Verantwoordelijkheden, huisje, boompje, beestje, al bijna veerti…
Nu ja, ik ben ondertussen dus heel oud volwassen, en kan dat maar beter accepteren.

Daarna vierde Keesje dus zijn vijfde verjaardag met een heus voetbalfeestje met zijn vijf beste vrienden.
Wij gooiden nog een Fourth of July bbq, met bijbehorende Fourth of July hitte, rondrennende kindjes en veel bier, vlees en stokbrood.
Ook vierden de melkboer en ik ons negenjarig huwelijksjubileum.
Haha, negen!
Wie had dat ooit gedacht…
Bekvechtende scharrelkippen die we zijn.

Kobus en Keesje kregen een mooi rapport mee, en daar hoorde natuurlijk een bijbehorend eindfeest op school bij.
Sammie nam feestelijk afscheid van de peuterspeelzaal en het kinderdagverblijf, zodat ik na de zomervakantie zomaar ineens, dat hangt denk ik samen met die eerder genoemde volwassenheid, drie (3!) kinderen op de basisschool heb.

Allez, waarlijk heugelijk feiten allemaal.
Jammer dat voor mij de week vooral in het teken stond van pijn.
Als gevolg van een gebroken teen en een wortelkanaalbehandeling.

En nu weet ik meteen waarom ik ouder worden niet leuk vind.
Al die bijbehorende lichamelijke aftakelingen.

De zoektocht naar blauwe drilpudding

Over het algemeen zijn er (tot nu toe) nog niet veel dingen die ik echt mis van de VS.
Binnenkort kom ik hier nader op terug aangezien ik deze zomer een paar weken praktijkonderzoek ga doen naar deze stelling.
Het zou zomaar zo kunnen zijn dat na ons zomerse verblijf in Amerika blijkt dat ik diep van binnen onbewust ontzettend veel dingen heb ontbeerd.
Maar ik denk het niet.

Toch ondernam ik van de week een helse shoppingtocht op zoek naar dé Amerikaanse staple omdat de bijna-jarige zoon had bedacht dat hij hetzelfde wilde trakteren als vorig jaar.
En iets Amerikaansers dan blauwe Jello bestaat bijna niet.
Rood, geel, of groen is nog wel te vinden in de toko of een of andere van origine Duitse supermarkt.
Maar blauw?
Daar zitten zoveel slechte hyperactief makende kleurstoffen in dat het alleen in Amerika te verkrijgen is.

Wat te doen?
Ik overwoog nog even om het zelf te maken, maar hoe dan?
Ik liet al mijn charmes op de zoon los om hem over te halen iets piraat-voetbal-soldaat-achtigs te trakteren, maar hij keek me alleen maar aan met zijn grote blauwe puppyogen en smeekte me om beren op het strand.
Mensen, de druk! Ik kreeg er bijna nachtmerries van.

Uiteindelijk blijkt er in Amsterdam een Amerikaanse delicatessenzaak te zitten.
Delicatessen is trouwens hun woord, niet dat van mij.
De winkel heeft een enorme voorraad Amerikaanse koekjes, mac and cheese, cereals, én, honderd kleuren Jello.
En zo kwam het dat afgelopen maandag zo’n 25 Nederlandse kindertjes voor het eerst aan de blauwe drilpudding zaten.

Hieperdepiep hoera, de zoon is vijf!

Blauwe jello